Een vent met 'n buik als 'n boedelbakkie drinkt dagelijks tien pilsjes met gemakkie. Kritiek wordt weerlegd, als hij ernstig zegt: "Goed gereedschap vraagt om 'n afdakkie."
Een hotemetoot bij onze zeemacht doet krek 't werk dat men van van 'm verwacht: overdag soest-ie wat, zit veel op zijn gat, krijgt 't pas 's avonds druk: hij schouwt bij nacht.